140 jaar zusters van de Goddelijke Voorzienigheid in Nederland

 

Dagelijks worden we geconfronteerd met een vluchtelingenstroom van mensen die een weg zoeken naar vrede en een menswaardig leven. Dit is geen nieuw verschijnsel.  140 Jaar geleden werd het door de Kulturkampf in Duitsland voor religieuzen onmogelijk gemaakt hun werkzaamheden voort te zetten. Onze eerste zusters van de Goddelijke Voorzienigheid kwamen in 1876 als asielzoekers over de grens en werden door pastoor Pennings in een schrijven van 27 januari 1876 welkom geheten in Steyl. Hij schrijft: “Op uw vraag aan de Hoogeerwaarde Bisschop van Roermond heb ik gisteren antwoord gekregen.De bisschop geeft de zusters uit Duitsland alle vrijheid, zich hier te vestigen in het huis Moubis dat zij hebben gekocht.” Voor de verhuizing in maart hadden zich in februari al enkele zusters gesetteld in Blerick. De woningen van dit eerste begin in Blerick en in Steyl staan er nog.


 

                                                                                                     

 

 

 

Menige pastoor wist de weg naar Steyl te vinden. Er werden zusters gevraagd voor bewaarscholen, ziekenzorg, en om vrouwen en meisjes naaien en huishoudelijke begrippen bij te brengen. Daaruit volgde al  spoedig het leren van de taal en breidden de activiteiten zich uit tot internaten, scholen en gezondheidszorg in Nederland, Indonesië, Aruba en Malawi.

De stroom Duitse zusters is doorgegaan tot de tweede Wereldoorlog. Het belette Nederlandse meisjes niet om in te treden in deze congregatie. Zo leefden de twee nationaliteiten genoeglijk samen en verzetten zij samen een duizendtal taken bij verschillende activiteiten.

Op 16 juni 2016, de dag waarop onze feestelingen van het jaar in het zonnetje worden gezet, zal dit heuglijke feit mede herdacht en gevierd worden.