Herdenkingsfeest in CuiabŠ, BraziliŽ  
  2017-12-17  
 

 

Het jubileum werd op een provinciale dag gevierd met de 30 zusters en 5 leken. 

 

 
   

  Struktuurbijeenkomst BraziliŽ  
  2017-09-20  
 

Van 31 augustus tot 3 september 2017 vond in Curitiba/Parana/Brazilië een studiebijeenkomst plaats, om te overleggen over een nieuwe structuur voor het leven en de zending van de zusters van de Goddelijke Voorzienigheid in Latijns-Amerika en Mozambique. Uit de 4 provincies en 1 regio waren 86 zusters aanwezig. De methode “Zien-oordelen-handelen” werd daarbij gehanteerd.
De 100 communiteiten van Latijns-Amerika en Mozambique hielden een gebedsdienst, zodat ze deze bijeenkomst in hun gedachten en gebed konden  meebeleven.


 

 
   

  50-JARIG JUBILEUM IN PARANATINGA, MATO GROSSO  
  2017-07-05  
 
Paranatinga is een afgelegen plaats in het binnenland van Mato Grosso, Brazilië. Vijftig jaar geleden met een geringe bevolking die leefde in enkele hutten in de “Buschsteppe”. 
 
   

  Serie Kloosters; De Keverberg  
  2017-06-29  
 

 In het van oorsprong katholieke Peel en Maas staat in ieder dorp een kerk. Naast het gebedshuis hadden of hebben verschillende kernen ook nog een eigen klooster. Daar werden paters opgeleid, meisjes onderwezen en ouderen verzorgd. Sommige kloosters zijn inmiddels gesloopt en andere hebben nog altijd een prominente plek in het aangezicht van het dorp. In deze serie duiken we de geschiedenis van enkele kloosters in. ­Kasteel De ­Keverberg in Kessel werd van 1880 tot 1944 bewoond door Duitse zusters, totdat ze moesten vluchten en het kasteel door de bezetters werd verwoest. 

 
   

  Serie kloosters; Zusterklooster Panningen  
  2017-06-22  
 

  In het van oorsprong katholieke Peel en Maas staat in ieder dorp een kerk. Naast het gebedshuis hadden of hebben verschillende kernen ook nog een eigen klooster. Daar werden paters opgeleid, meisjes onderwezen en ouderen verzorgd. Sommige kloosters zijn inmiddels gesloopt en andere hebben nog altijd een prominente plek in het aangezicht van het dorp. In deze serie duiken we de geschiedenis van enkele kloosters in. Inmiddels doet het gebouw dienst als café en restaurant, maar Grand Café Gallery in Panningen was jarenlang een zusterklooster.

 
   

  KerkebŲske - Helden  
  2017-06-12  
 

Hallo Peel en Maas weekkrant - serie kloosters


In het van oorsprong katholieke Peel en Maas staat in ieder dorp een kerk. Naast het gebedshuis hadden of hebben verschillende kernen ook nog een eigen klooster. Daar werden paters opgeleid, meisjes onderwezen en ouderen verzorgd. Sommige kloosters zijn inmiddels gesloopt en andere hebben nog altijd een prominente plek in het aangezicht van het dorp. In deze serie duiken we de geschiedenis van enkele kloosters in. In Helden verhuisden de zusters drie keer voordat ze bij hun eindbestemming, Kerkeböske, belandden.

 

 
   

  Over paters en nonnen: St.Jozefklooster Maasbree  
  2017-05-03  
 

 Hallo Peel en Maas weekkrant; (serie Over paters en nonnen)

In het van oorsprong katholieke Peel en Maas staat in ieder dorp een kerk. Naast het gebedshuis hadden of hebben verschillende kernen ook nog een eigen klooster. Daar werden paters opgeleid, meisjes onderwezen en ouderen verzorgd. Sommige kloosters zijn inmiddels gesloopt en andere hebben nog altijd een prominente plek in het aangezicht van het dorp. In onze nieuwe serie duiken we de geschiedenis van enkele kloosters in. Het St. Jozefklooster aan het Kennedyplein in Maasbree is nog altijd te bewonderen.

 
   

  Hoe staat de congregatie er in 2017 voor?  
  2017-03-27  
 

  In haar 175 jarig bestaan heeft de congregatie grenzen overschreden en zich verspreid over 4 continenten Momenteel telt onze gemeenschap 981 zusters, verdeeld over 6 provincies, twee regio’s en een communiteit behorend onder het generalaat.

 
   

     
     
     
     
Ons Erfgoed
 
 
   
Zr.M.Antonine op Maria Roepaan.  
   

Zowel in haar noviciaat als daarna werkte Zr. M.Antonine in de huishouding, meestal in de keuken.  Eerst was dat in Steyl en vervolgens in Blerick. In 1961 ging ze naar Maria Roepaan. Zij vertelt hierover het volgende:

 
   

Ik ben geboren in LIEROP in het BRABANTSE LAND .Ik was 23 jaar oud toen ik intrad bij de Zr. V. d. GODDELIJKE VOORZIENIGHEID in STEYL in het jaar 1954. In mijn noviciaattijd heb ik verschillende werkzaamheden gehad op huishoudelijk gebied zoals in de keuken en de wasserij. Na de eerste geloften kregen we onze vaste werkzaamheden. Dit was voor mij in de keuken in STEYL voor onze eigen zusters, ongeveer180 personen. 
Later in BLERICK, dat was voor onze zusters die daar werkten in scholen, in de wijk en in een internaat voor meisjes van de kweek en de mulo, (zo was toen de benaming)   zo ongeveer 300 personen.

In 1961 ging ik naar MARIA ROEPAAN in een heel andere keuken werken met 2 zusters en verder met leken. (3 meisjes) Het was een inrichting voor zwakzinnige kinderen, ongeveer 400 kinderen en 100 personeelsleden. De patiënten die het konden mochten mee helpen. We hadden er echt hulp van en het was leuk voor ons en voor de patiënten.

Dit was in de oudbouw aan de KLEEFSEWEG 9, in OTTERSUM.
Het was een grote overgang voor mij, een heel sobere keuken met een fornuis dat met kolen werd gestookt. Daarbij hadden  wij 2 stoomketels in gebruik. Het was echt behelpen om alles op tijd klaar te hebben.
De kinderen kregen iedere morgen pap en melk. ’s Middags was er altijd stamppot, waar vlees, groenten en aardappelen voor gebruikt werden. Dat was gemakkelijk om te eten te geven. Ze kregen een toetje als nagerecht.
Eén ketel was voor de stamppot, de ander om soep aan de kook brengen en dan in een grote pan op het fornuis te zetten om gaar te  trekken, want op het fornuis kon men niet koken, wel eten warm houden en gaar laten worden. Dan de groenten  in de ketel gaar laten worden, op smaak maken en verdelen in dekschalen en in de warmkast plaatsen, vervolgens de aardappelen er in. Zo kon men het precies redden.
Ik ben in de keuken gekomen omdat ze gingen verbouwen. Ze waren maar met twee zusters in de keuken, maar een zuster was op leeftijd en kon de veranderingen niet meer aan.
Later begonnen ze met breken, eerst de schoorsteen er uit en zo ging het verder. We moesten gewoon koken met datgene wat we nog konden gebruiken. Het was dubbel hard werken want alles moest ’s morgens klaar zijn, ook de pap en melk voor ‘s avonds. Na de middag mochten we niet meer in de keuken komen. Er zijn heel wat traantjes gevallen, maar we spraken elkaar moed in, maakten wat plezier en gingen weer verder. Toen het zo ver was dat de keuken klaar was op de oudbouw, mocht ik ze het eerste gebruiken. De mannen die gehele nacht hadden door gewerkt, zouden mij aanwijzingen geven om de ketels te gebruiken. Het waren ingebouwde ketels als een batterij.Een van ons twee had altijd vroege dienst. Dat was om half 6 beginnen om de pap en melk klaar te maken en het was toen mijn beurt. Het was leuk toen ik in de keuken kwam; geen sterveling te zien, alleen bezems en kloppers enz. in de ketels geplaatst. Wat nu dacht ik? Gelukkig kwamen zo voor en na de kopjes achter de ketels uit .Ze hadden zich verstopt achter de ketels om te kijken hoe ik reageerde. Het was een grap! Toen kreeg ik uitleg van de mannen en nog een half jaar mocht ik in deze keuken werken.
Dit moest allemaal gebeuren met het oog op de toekomst: de nieuwbouw aan de SIEBENGEWALDSEWEG 15 , als uitbreiding om meer kinderen op te kunnen nemen, tot ongeveer 700. Het vervoer van eten naar de nieuwbouw moest worden uitgeprobeerd. Hoe zou het eten vervoerd kunnen worden? Het moest immers goed op temperatuur blijven.Wat voor pannen moesten ze aanschaffen? Het was wel leuk om dit eens mee te maken, ondanks het werk dat we ermee hadden.
Toen dit alles klaar was heb ik nog een half jaar mogen genieten van deze keuken. Toen kreeg ik een verplaatsing naar ROTTERDAM om te zorgen voor de kinderen van de b.l.o en kinderen die onder de kinderbescherming stonden. Dit heb ik 5 jaar mogen doen.
Later ben ik weer terug gekomen in Maria Roepaan en wel in de nieuwbouw.Dit was in 1971.
Het was een mooie keuken heel anders dan in de oudbouw. We moesten nu koken voor ongeveer  1000 personen. Er waren meer stoomketels en een lopende band om de voeding te verdelen, want de kinderen kregen nu vlees, groenten en aardappelen apart, dus de stamppot was vervallen. Voor de kinderen echt een vooruitgang. Het eten moest allemaal gebracht worden naar de paviljoens en dat waren er 10. Nu werd er gewerkt met koks en andere mannen en vrouwen, dus weer een grote verandering voor mij. Het is mijn ervaring dat in de oudbouw meer samenwerking was met al het personeel. We kenden elkaar omdat we elkaar vaker ontmoetten. In de nieuwbouw was het anders, ieder ging naar haar eigen paviljoen, zodat er minder contact was. Toch was het een prettige samen werking, nooit spijt gehad van wat ik allemaal mee gemaakt heb. Zo heb ik dit werk met veel plezier gedaan, vooral voor de kinderen, die geen gemakkelijk leven hadden maar toch zeer dankbaar waren.
Mijn inzet is altijd geweest een goede en smakelijke maaltijd op tafel te brengen, zodat de voeding weer kracht en sterkte gaf aan de medemens om zijn werk goed te kunnen doen.
Het spreekwoord zegt: er is nooit een kok gevonden die koken kan voor alle monden.
Dit is ook mijn ervaring, over de smaak valt niet te twisten. Ik neem zo mooie herinneringen mee in mijn leven, het was wel veel zorgen dat alles goed verliep en hard werken, maar ook veel hartelijke dank ontvangen.
Zo dat ik nu met dankbaarheid terug mag kijken in mijn leven en het heeft mij sterk en rijker gemaakt wat ik heb door kunnen geven in mijn leven,
Want nu is de tijd gekomen van loslaten, begrip tonen tegenover het personeel en mijn tijd anders invullen zodat het nog zin geeft in mijn verder leven nu ik ouder ben.
 
.Zr. Antonine Bekx.
 
 
 
 
 
.
 
 
 
 
 
 

 

 
   
terug Ga terug
   
   
 
Hier is de link naar de pagina wie zijn wij Hier is de link naar de pagina waar zijn we Hier is de link naar de pagina ons erfgoed Hier is de link naar de pagina wereldwijd Hier is de link naar de pagina waar staan we voor Hier is de link naar de begin pagina Hier is de link naar de pagina In memoriam >